De gulden onder Beatrix
Op 30 april 1980 volgde Beatrix haar moeder Juliana op. Vanaf dat jaar kwam haar beeltenis op de Nederlandse munten, ook op de gulden. De guldens uit deze periode zijn van nikkel en bleven in omloop tot de invoering van de euro. In 2001 werd de laatste circulatiegulden geslagen; begin 2002 verdween het muntje uit de portemonnee. Daarmee vormt de reeks onder Beatrix het sluitstuk van ruim een eeuw guldenmunten.
Ons aanbod in deze categorie omvat op dit moment 18 stukken met jaartallen tussen 1980 en 2000. Het gaat vrijwel geheel om nikkelen circulatiemunten. De prijzen lopen van ongeveer een euro voor een gewone jaargang tot €19,50 voor een bijzonder stuk. Dat duurdere exemplaar is een gulden uit 1980 met de dubbele beeltenis, verwerkt tot hanger aan een zilveren ketting.
De uitgave van 1980
Het jaar 1980 kent twee bijzondere guldens: een met alleen Beatrix en een zogeheten dubbelkop, waarop de portretten van Juliana en Beatrix samen staan ter herinnering aan de troonswisseling. Deze uitgaven werden in grote aantallen geslagen en zijn daardoor breed beschikbaar. De hanger in ons aanbod laat zien hoe zo'n munt later een tweede leven kreeg als sieraad.
Waar u op let
Bij guldens uit deze periode is de conditie de belangrijkste factor. Circulatiemunten zijn er in grote oplagen gekomen, dus een versleten exemplaar heeft vooral nominale waarde. Wat het onderscheid maakt:
- Kwaliteit: een ongecirculeerd stuk of een munt uit een jaarset is duidelijk gewilder dan een sleets exemplaar.
- Jaartal: sommige jaargangen zijn schaarser dan andere; dat verklaart de prijsverschillen binnen een ogenschijnlijk gelijke reeks.
- Muntmeesterteken en muntteken: het teken op de rand of naast het jaartal geeft aan waar en onder wie de munt is geslagen.
Voor wie een complete verzameling nastreeft, is deze reeks overzichtelijk en betaalbaar te vervolledigen. De meeste jaartallen zijn zonder veel moeite te vinden; het plezier zit vaak in het vinden van nette, ongesleten exemplaren en de enkele lastigere jaargang.