De zilveren rijksdaalder van Willem III
De 2½ gulden, in de volksmond de rijksdaalder, was onder koning Willem III een van de grootste zilveren munten in dagelijkse omloop. Het was fors geld voor een gewone Nederlander in de negentiende eeuw. De munt draagt op de voorzijde het portret van de koning en op de keerzijde het gekroonde rijkswapen. Willem III regeerde van 1849 tot 1890; de stukken in deze categorie lopen van 1854 tot 1872.
Ons huidige aanbod telt acht exemplaren, allemaal in zilver, met prijzen van ruim €66 tot €134,50. Vertegenwoordigd zijn onder meer de jaartallen 1854, 1859, 1861, 1866, 1868 en 1872.
Waar de waarde vandaan komt
Bij deze rijksdaalders bepalen een paar dingen samen de prijs. Het jaartal telt mee, omdat de oplages per jaar verschilden. De conditie is minstens zo belangrijk: een munt met scherpe details en weinig slijtage staat hoger aangeschreven dan een sterk gecirculeerd exemplaar. Daarnaast zijn er varianten in het opschrift die verzamelaars onderscheiden.
- Jaartal: sommige jaren zijn schaarser dan andere
- Conditie: van gecirculeerd tot vrijwel ongebruikt
- Variant: bijvoorbeeld de plaatsing van de punt tussen I en P in het randschrift
- Zilvergehalte: de munt bevat een aanzienlijke hoeveelheid zilver
Varianten en muntmeestertekens
Op de 2½ gulden staan tekens die verwijzen naar de muntmeester en het muntteken van de Utrechtse Munt. Een detail als een punt op een bepaalde plek in de tekst kan een aparte variant aanduiden. In ons aanbod vindt u bijvoorbeeld een 2½ gulden 1861 met een punt tussen I en P. Wie deze munten koopt, let dus niet alleen op het jaartal maar ook op zulke kleine kenmerken. Ze maken het verschil tussen twee stukken die op het eerste gezicht identiek lijken.