VOC-munten van West-Friesland
Onder het toezicht van de gewestelijke muntplaatsen sloegen verschillende provincies munten die bestemd waren voor de handelsgebieden van de Verenigde Oost-Indische Compagnie. West-Friesland was daar een van. Op de meeste stukken staat het monogram van de VOC, gecombineerd met het wapen van het gewest. Ze circuleerden in Azië, waar de Compagnie haar eigen betaalmiddelen nodig had voor de lokale handel.
Het aanbod in deze categorie loopt van 1732 tot 1792 en bestaat uit twee soorten munten. Verreweg het talrijkst is de duit in koper: een kleine handelsmunt die in grote getale werd geslagen. Daarnaast vindt u de zilveren X stuiver, een grotere en zwaardere munt uit de jaren 1780. De prijzen in het huidige aanbod lopen van enkele euro's voor een gangbare duit tot ruim €400 voor een goed bewaarde zilveren X stuiver.
Waar u op kunt letten
De waarde van een VOC-munt van West-Friesland hangt van een paar dingen af:
- Metaal en nominaal: een zilveren X stuiver ligt in een andere prijsklasse dan een koperen duit.
- Jaartal en variant: sommige jaargangen zijn schaarser, en er bestaan varianten zoals de duit uit 1733 met recht wapenschild.
- Conditie: koperen duiten zijn vaak sterk gecirculeerd en soms aangetast. Een scherp geslagen, goed leesbaar exemplaar is minder gewoon dan het lijkt.
Herkenning en herkomst
De duit draagt aan de ene zijde het VOC-monogram met daarboven een letter of teken dat naar de muntplaats verwijst, en aan de andere zijde het gewestelijke wapen. Omdat deze munten in Azië zijn gebruikt, vertonen ze vaak sporen van een lang leven: slijtage, corrosie en soms een donkere patina uit de tropische bodem. Dat hoort bij het verzamelgebied en maakt een gaaf stuk juist interessanter. Wie VOC-munten van West-Friesland wil kopen of de waarde ervan wil laten bepalen, kijkt daarom altijd eerst naar de combinatie van jaartal, variant en bewaartoestand.