De 2½ gulden onder Wilhelmina
De 2½ gulden, in de volksmond de rijksdaalder, was decennialang een van de zwaarste zilveren munten in de portemonnee. Onder koningin Wilhelmina bleef het een vertrouwd geldstuk: fors, van zilver en met de beeltenis van de vorstin op de voorzijde. Ons huidige aanbod in deze categorie telt 13 stukken met jaartallen tussen 1929 en 1943, alle van zilver (het bekende gehalte .720).
Waar u op let
Bij deze serie draait het vooral om jaartal en conditie. De meeste jaargangen zijn in redelijke aantallen geslagen, dus een gangbaar exemplaar in gebruikte staat is niet moeilijk te vinden. Het verschil zit in de mate van slijtage. Een munt waarbij het haar van Wilhelmina en de details in het wapen nog scherp zijn, wordt hoger gewaardeerd dan een sterk gesleten stuk.
Let ook op het muntteken en het muntmeesterteken langs de rand van de beeldzijde. Die tekens vertellen waar en onder welk muntmeester een stuk is geslagen, en ze horen bij een correcte determinatie.
Het bijzondere aan 1943
Tijdens de oorlogsjaren werden Nederlandse zilveren munten met de letter D of P in de Verenigde Staten geslagen, in Denver en Philadelphia. De 2½ Gulden 1943 D in ons aanbod komt uit die periode. Het is een aardig verhaal om bij zo'n munt te kennen wanneer u de reeks completeert.
De prijzen in deze categorie lopen op dit moment van ongeveer €49,50 tot €64,50. Dat is een indicatie van het huidige aanbod, geen taxatie. Wat een individueel stuk waard is, hangt samen met het jaartal, de conditie en de zilverprijs, omdat het edelmetaalgehalte een vloer onder de waarde legt.
Wie een 2½ gulden van Wilhelmina wil kopen om een verzameling op jaartal aan te vullen, vindt hier een doorsnede van de gangbare jaargangen. De 1940 en de vroege 1929 behoren tot de wat hoger geprijsde stukken in de huidige voorraad.